Dinsdag 15 december 2009 heeft de Onderzoeksraad Voor Veiligheid de uitkomsten van het themaonderzoek ‘De veiligheid van personenvervoer met draagvleugelboten op het Noorzeekanaal en het IJ’ gepubliceerd. De hoofdconclusie uit dat onderzoek is: ‘Veilig openbaar vervoer met draagvleugelboten op het Noorzeekanaal onder de huidige omstandigheden niet gewaarborgd’.
Dinsdagmiddag 15 december hebben de betrokken organisaties een eerste reactie gegeven door middel van een persbericht. De betrokken organisaties zijn: provincie Noord-Holland, Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied en Connexxion. In deze verklaring gaat Connexxion nader in op de conclusies en aanbevelingen die Connexxion betreffen.
Voorafgaand aan deze verklaring wil Connexxion stellen dat veiligheid van de passagiers altijd het uitgangspunt is. Vanuit dat uitgangspunt heeft zij te allen tijde te goeder trouw gehandeld en heeft zij voldaan aan de wetten en regels die gesteld worden door de wetgever en handhavende instanties.
Een belangrijke conclusie is dat de uitwijkmogelijkheid bij hoge snelheid van de draagvleugelboten te gering is. Connexxion wil stellen dat bij testen, waarbij het bevoegd gezag betrokken is geweest, de remweg van een draagvleugelboot bij een maximale snelheid minder dan 200 meter betreft. Om de veiligheid te bevorderen is de aanwezige radarapparatuur ingesteld op minimaal 1200 meter. Tevens hebben de kapiteins de instructie om bij slecht zicht de snelheid aan te passen aan de omstandigheden. Naar aanleiding van het rapport hebben wij inmiddels de instructie concreet gesteld. Bij slecht zicht mag er niet harder worden gevaren dan 18 kilometer per uur, gelijk aan het overige scheepvaartverkeer. Ook bij deze snelheid heeft dit geen nadelige gevolgen voor de stabiliteit en de manoeuvreerbaarheid van de draagvleugelboot. Daarnaast varen er twee kapiteins actief mee als het schip meer dan 18 kilometer per uur gaat varen of bij slecht zicht. Binnenkort wordt er een nieuw AIS-systeem in de schepen geplaatst. Het AIS-systeem geeft de kapiteins de mogelijkheid om de koers en bestemming van andere schepen, die ook voorzien zijn van het AIS-systeem, te zien.
In het rapport is er kritiek op de opleiding en instructie van nieuwe kapiteins. Voorop gesteld, de kapiteins die starten met de opleiding beschikken over alle eisen die wet en regelgeving voorschrijven. Zoals het Groot Vaarbewijs, Radar patent of certificaat ‘Radar Ruime Wateren’ en een marifooncertificaat. Daar bovenop krijgt hij de opleiding ‘Kapitein Snelle Vaartuigen’ en een jaarlijkse opfriscursus. Nadat deze cursus is volbracht gaat hij met een mentor mee als 3e man op een schip. Na de praktijktraining gaat hij als 2e kapitein mee, gekoppeld aan een ervaren schipper. Wat betreft de werving, selectie en opleiding heeft Connexxion de volgende maatregelen genomen:
De Raad heeft Connexxion een zestal aanbevelingen gedaan. Onderstaand de aanbevelingen en de reactie van Connexxion.
a) Het verduidelijken van de verantwoordelijkheden van Connexxion Nederland en Connexxion Water.
Naar onze mening is binnen het veiligheidsbeleid van Connexxion voldoende duidelijk waar de verantwoordelijkheden liggen. Wij zullen dit intern nog onderzoeken om eventuele zwakke schakels er uit te halen.
b) Het opstellen van een specifieke veiligheidsaanpak voor Connexxion Water.
Deze aanbeveling nemen wij over.
c) Het aanvullen, classificeren en up-to-date houden van het Risicoregister Water.
Deze aanbeveling nemen wij over.
d) Het vernieuwen en/of aanvullen met risico’s van snel varen en vaartuigkenmerken van de opleiding van het externe opleidingsinstituut.
Deze aanbeveling is volledig overgenomen en is al in gang gezet.
e) Interne controle.
Deze aanbeveling wordt volledig overgenomen. Proces zal beschreven worden en toegevoegd worden aan het veiligheidsmanagementsysteem.
f) De opleiding en training van de schipper.
Deze aanbeveling is volledig overgenomen. Zowel de opleiding als training is/wordt aangescherpt.